Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden

Een paar weken geleden had ik wel een erg letterlijke interpretatie van dit gezegde toen ik een flinke smak maakte, ergens in Sittard op een parkeerplaats. Het bleek een reminder om keuzes te maken.

Ik stel me er zo bij voor dat dit gezegde is ontstaan in de tijd dat rijke dames wespentailles moesten hebben en een veel te strak corset droegen, waarbij hun kleedsters als een gek aan de veters stonden te rukken om al dat vlees op zijn plek te krijgen. De dames verzuchtten dat het pijn deed, en er was beslist een smart-ass kleedster die zei “tja, wie mooi wil zijn moet pijn lijden”.

Na een hele drukke periode van de nasleep van het overlijden van mijn vader (denk aan administratie, heel veel geregel met instanties, en het verzorgen van mijn mams) en het vrijwel tegelijkertijd oprichten van Mi Cuento Reizen, door de stop van Serendipity, ging ik met mijn lieve vriendin Mechteld een avondje ‘stappen’. Stel je er niet te veel van voor, want vanaf een bepaalde leeftijd werd ‘stappen’ niet meer vet stappen, maar gewoon gezellig een hapje eten en een terrasje pikken. Het was een van de spaarzame droge avonden van augustus, niet al te warm maar toch aangenaam. Ik verheugde me er enorm op.

In een mooie best wel sexy jurk, die ik nog nooit had gedragen (te heet voor als de mussen van het dak vallen, te bloot voor als het regent) en de bijpassende hele hoge hakken en plateauzolen, vond ik mezelf erg mooi en ik was er dan ook helemaal klaar voor. Ik zou rijden en ging mijn vriendin ophalen. Wij parkeerden mijn auto op een parkeerplaats in Sittard, stapten uit en als een paar bakvissen gingen we lekker grappend en grollend richting centrum.

Letterlijk 10 stappen richting centrum. Toen stapte ik (zag ik achteraf) op een losliggend stukje asfalt van zo’n 2 cm en verloor mijn evenwicht. Ik klinkte om op mijn 12 cm hoge hakken, probeerde niet te vallen en kwam in een soort van vliegende hinkstapsprong met versnelling waarna ik uiteindelijk toch tegen de vlakte ging. Diverse kneuzingen in schouder en sleutelbeen, elleboog (met waarschijnlijk ook een scheurtje), voet en knie waren het gevolg. Ik kon letterlijk 2 dagen helemaal niets met mijn dikke voet en knie. Mijn vriendin zei dat het er erg professioneel uit zag, alsof ik een stuntvrouw was. Helaas was niets minder waar. Ik had behoorlijke pijn en ik bloedde. Toch gingen we nog een hapje eten, maar van het gestap kwam niets meer.

Wie mooi wil zijn moet pijn lijden, zei ik ginnegappend. Maar ik merkte ook dat er een soort van gelaten slachtofferschap in doorklonk (zie je wel, ik mág weer niet iets leuks doen), en dat was ook wat ik voelde. Toen ik 2 dagen plat moest met mijn been in de lucht, niet in staat om te werken, poetsen of naar mijn moeder te gaan, besefte ik dat de hele manier waarop ik viel, voorover vallend, rennend, kenmerkend was voor de manier waarop ik de afgelopen driekwartjaar heb geleefd. Hard werkend op alle gebied en mezelf voorbij hollend. Zelfs zo erg dat ik bijna geen inspiratie meer kan voelen. Het is dus weer tijd voor rust. Als ik die 2 dagen lig, voel ik me dan ook heel erg onrustig. Ik stond weer in standje vooruit met alle drukte die daarbij hoort. Het was een reminder van het Universum of de Voorzienigheid of hoe je het ook wilt noemen: “Doe jij es effe rustig aan, gek”.

Dat besef haalt me in een keer uit het slachtofferschap. Natuurlijk mág ik. Ik kan mijn eigen keuzes maken, ik kan mijn eigen tijd indelen en ik kan en mag en moet op tijd aan de bel trekken. Voor nu is er dus rust voorgeschreven, al is het maar omdat ik fysiek nog steeds niet uit de voeten kan met mijn armen en schouders en knie.

En ach… slachtoffer? Het Universum had ook een ander moment kunnen kiezen; ik zag er nu in ieder geval práchtig uit toen ik viel, toch? Als dát niet omdenken is…

Keuzes